Zomerreizen door Drenthe en het Hogeland

Op 23 juni reisde ik met de trein naar Assen. Ik kocht een pillbox bij H&M. Gewoon een leuk hoedje voor de herfst. En ik bezocht warenhuis van de Veen en een ouderwetse kantoorboekhandel.

Een week later, op 1 juli, bracht de trein me opnieuw op pad. Deze keer reisde ik naar Wehe-den Hoorn, waar ik had afgesproken met mijn Instagramvriendin K. Via Instagram heb ik de afgelopen jaren vriendschappen opgebouwd met Groningse vrouwen verspreid over de hele provincie. Zij kennen hun eigen omgeving door en door en laten mij steeds weer bijzondere plekken ontdekken.

Omdat er tussen deze twee uitstapjes een hittegolf viel, bleef ik een aantal dagen thuis. Zodra de temperatuur weer draaglijk werd, begon mijn zomerse ontdekkingstocht opnieuw.

In Wehe-den Hoorn stapte ik uit bij Kunstcentrum De Ploeg, waar ik vorig jaar ook al eens was geweest. We begonnen de dag met koffie en veel bijpraten. Daarna bekeken we de tentoonstelling. Op verschillende schilderijen herkenden we bekende Groningse plekken. Er hing ook een schilderij van het Doorgangshuis van juffrouw Droanes, waar ik nog het een en ander over wist te vertellen. Vervolgens bezochten we het schip van George Martens en Alida Pott. Zij woonden vroeger bij mij in de straat aan het Kattendiep, precies de plek waar ik nu woon.

Daarna reden we naar Warfhuizen. In de kapel van de Kluizenaar van Warfhuizen staken we een paar kaarsjes aan. Ik brandde ze voor mijn kinderen. 

Onze volgende stop was Houwerzijl. In het theemuseum namen we uitgebreid de tijd voor een goede pot thee. 

Maar ik had nog één bestemming op mijn lijstje staan: Ranum. Om het oude kerkhof te bereiken liepen we over het erf van een boerderij. De boer zag ons aankomen en begeleidde ons vriendelijk door de hekken naar het kerkhof. Het oude toegangshek hing verweerd tussen de hekpalen. Op het terrein lagen nog enkele grafstenen en in het gras waren de contouren van de verdwenen kerk nog goed te herkennen. Juist zulke verstilde plekken spreken me aan. 

Aan het einde van de middag bracht K. mij naar het station in Winsum. Daar stapte ik weer op de trein naar Groningen. Terwijl het landschap langzaam aan mij voorbijgleed, dacht ik terug aan twee heel verschillende zomerdagen. Assen en het Hogeland lieten ieder een andere kant van Noord-Nederland zien: kunst, gesprekken, geschiedenis, stilte en bijzondere ontmoetingen. Het zijn precies die kleine reizen die een gewone zomer bijzonder maken. 🌿🚆

Scroll naar boven