Waarom het Nederlandse beleid moeders in de kou laat staan
In Nederland gaat het gesprek over gelijkheid, inclusie en het gezin. Wie naar ouderschap kijkt, ziet iets anders. Moeders raken hun centrale plek kwijt. Ik ben Gea Kramer. Dit is hoe ik dat beleid lees.
Geld en kind volgen het adres
Na een scheiding gaan kinderbijslag en kindgebonden budget naar het huis waar het kind staat ingeschreven. De juridische vader en de stiefmoeder kunnen die steun claimen. De vrouw die droeg, baarde en de eerste jaren deed, blijft met lege handen. Moederschap wordt een bijzaak zodra het kind elders woont.
Via omgang komt het kind in een ander huis. Daar heet de vrouw die later kwam ouder, en de vrouw die baarde wordt een bezoekregeling. Als het geld meereist, is de verschuiving rond. In Hongarije is de steun sterker aan de moeder gebonden. Nederland beloont het adres.
Gelijkheid die de moeder dunner maakt
Gelijke behandeling na scheiding klinkt eerlijk. In de praktijk profiteren vader en stiefmoeder. De band van de vrouw die baarde telt niet als uitzondering. Co-ouderschap heet modern. Op de werkvloer van het gezin deelt zij haar plek met een stiefmoeder, gesteund door vader, belangenclubs en wetgeving. Haar gezag loopt leeg.
School, politie en jeugdhulp herkennen dit zelden als urgent. Jarenlang onderzoek vanuit de andere tafel leerde het land dat vooral vaders buitengesloten worden. De moeder valt uit het gesprek. De drempelverlaging voor omgang met grootouders maakt de kring nog ruimer, vaak langs vaders kant. Hoe meer rechten voor anderen, hoe dunner zij.
Wat moeders elkaar zeggen
Steeds meer vrouwen zeggen tegen elkaar: bouw het gezin zonder tweede juridische ouder, bijvoorbeeld via een zaadbank. Dat is geen vrolijk advies. Het is angst voor een deur die zij niet meer dichtkrijgt.
Wie maakte het kind? Zij. Wie krijgt toeslag en gezag in het nieuwe huis? Wie het kind inschrijft. Wat blijft er van haar over? Beleid dat gelijkheid zegt en haar in de kou zet. Tijd dat baren en grootbrengen weer de maat zijn, niet het formulier van inschrijving.
Gea Kramer, Groningen