Vandaag is het Moederdag. In plaats van bloemen kopen voor een levende moeder, stapte ik donderdag op de trein naar Warffum. Om te praten tegen de moeders die er niet meer zijn. Bij de Spar kocht ik witte rozen.
Daarna liep ik naar het naastgelegen kerkhof. Eerst naar het graf van oma en opa. Terwijl ik de rozen op hun graf wierp, begon ik gewoon hardop te praten. Tegen oma, die altijd zo zacht en lief was. Ik vertelde wat ik allemaal heb meegemaakt sinds ze er niet meer is. Over het gemis van mijn zoon, die nog in mijn buik trapte toen ik aan haar sterfbed zat. Over mijn eigen moeder Luida, die er ook niet meer is. Eigenlijk stond ik daar hardop te huilen en te praten. Het gaf niet, want ik stond er toch alleen. Op het laatst gaf oma drie kloppen. Dat was natuurlijk de wind die tegen het marmeren grafdeksel blies, maar de timing was zo perfect dat het voelde als een antwoord.
Tot slot maakte ik nog een wandeling over de noordkant van het dorp. Over het Verlaatbrugje, langs weilanden met eindeloze luchten, langs het geboortehuis van mijn moeder, terug naar het station. Het was een hele fijne dag vol mentaal herstel. De aftrap voor de zomer van 2026, waarin ik hoop veel Hogelandster wandelingen te maken.
Dankjewel, oma Geertje.
Dankjewel, opoe Hieke en opoe Diede.
Gea Kramer
Warffum, Moederdag 2026





